Reinier Vogelsang (zoon van Ludgerus) (1612 - 1679)
Geboren: Vianen 1612
Overleden: 1679
Begraven: Sint Janskerk
00-00-1634 predikant Heicop
21-09-1650 predikant Goes
00-00-1656 predikant 's-Hertogenbosch (tevens hoogleraar)
00-00-1675 predikant Deventer (tevens hoogleraar 1676)
|
| |
|
Reinier Vogelsang
Classis: 's-Hertogenbosch
Plaats: 's-Hertogenbosch
Periode: 1656-1675
Repertorium van Nederlandse hervormde predikanten tot 1816
|
| |
|
Reinier Vogelsang
Door prof. dr. F.L.R. Sassen
Vianen ca 1610 - Deventer 1679
Studeerde theologie te Utrecht onder Gisb. Voetius (1589-1676), maar in het Album Studiosorum van de Utrechtse Hogeschool komt zijn naam niet voor. Vervolgens stond hij als predikant te Heikop bij Vianen, 1634 en te Goes, 1650. In 1656 werd hij beroepen te Den Bosch en reeds 29 januari van hetzelfde jaar werd hem door de stedelijke regering de leerstoel in de godgeleerdheid aangeboden, die sinds het vertrek van S. Maresius naar Groningen in 1643 vacant was gebleven. De Raad van State keurde de benoeming 29 april 1656 goed en kende Vogelsang een jaarwedde van ƒ 500,- en vrije woning toe. Bij de aanvang van zijn lessen, 4 jui 1656, hield hij een Oratio de exercitatione theologica (Sylv. Duc. 1656). Te Den Bosch heeft hij als een overtuigd Voetiaan en tegenstander van het opdringend Cartesianisme in woord en geschrift een levendige polemische activiteit ontwikkeld. Met de Utrechtse hoogleraar in de wijsbegeerte Joh. de Bruyn (1620-1675), vroeger student van de Illustre School te Den Bosch onder S. Maresius en Fl. Schuyl, voerde hij in de jaren 1668-1670
| 206 |
een uitgebreid dispuut over de methodische twijfel en andere denkbeelden van Descartes.
Een beroep dat hij reeds in september 1656 uit Harderwijk ontving, was door hem afgewezen; 9 januari 1672 werd hij benoemd tot hoogleraar in de theologie te Franeker, maar ook deze benoeming wees hij van de hand. In 1675 aanvaarde hij echter een beroep als predikant te Deventer en 4 maart 1676 werd hij uit een reeds 2 juli 1675 opgemaakte nominatie benoemd op de leerstoel van de theologie en de Oosterse talen aan de Illustre School aldaar, die tengevolge van de oorlogsomstandigheden sinds het overlijden van Ant. Perizonius (24 oktober 1672) vacant was gebleven. Ook de colleges in de wijsbegeerte moest hij een tijdlang waarnemen. Reeds in hetzelfde jaar werd hij met het rectoraat belast en werd hij benoemd tot Inspector Bursae, op een salaris van ƒ 100,-. Op voorstel van Gisb. Voetius werd hem 13 november 1676 door de Hogeschool te Utrecht een doctoraat honoris causa in de theologie verleend. Bij zijn afscheid in Den Bosch hield zijn collega Chr. de Cock van Kerkwijk (1626-1678) een „oratie van dancbaerheyt”. Te Deventer heeft hij zijn dubbele functie tot zijn dood vervuld. Het heet, dat hij als mens en prediker bij de gemeente zeer geliefd was. Zijn, merendeels polemische, geschriften vonden echter weinig kopers.
Vogelsang is driemaal getrouwd geweest. Als weduwnaar van Cornelia Rodeants, geseyt Aernouts, ging hij 26 november 1661 te Den Bosch in ondertrouw met Marya Crabbe, weduwe van Raphel Noortbood. Zijn derde vrouw, Veronica Ruysch (overleden 17 juni 1713), zuster van mr. Hendrik Ruysch (overleden 25 augustus 1678), secretaris van Den Bosch, is in de St. Janskerk begraven. Te Den Bosch woonde hij in de Nieuwstraat.
| 207 |
| Literatuur |
| | Ned. Cart., 399, 447, 449, 462; A. Moonen, Herdersklacht over den dood van R. Vogelsangh (Deventer 1679); BOELES, Frieslands Hoogeschool en het Rijks Athenaeum te Franeker (Leeuwarden 1878-1879) II 257; DE HAAS, Bossche Scholen van 1629 tot 1795 ('s-Hertogenbosch 1926) 122-125; Duker, Voetius, III, 75-78, 340, n. 3; GLASIUS, Godgeleerd Nederland, biographisch woordenboek van Nederlandsche godgeleerden ('s-Hertogenbosch 1851-1856) III 540-541; HERMANS, Geschiedenis der Illustre en Latijnsche Scholen te 's-Hertogenbosch, van haar ontstaan in den jare 1630, tot hare opheffing in den jare 1848 (Amsterdam 1852) 23-24; J.C. van Slee, De illustre School te Deventer ('s-Gravenhage 1916) 78-79; Joh. de Bruyn, Defensio doctrinae Cartesianae de dubitandi mode ut et de idea Dei in nobis, deque ezistentiae Ejus demonstratione ex ea idea, adversus objectiones Reineri Vogelsangii, insertas Indignationi Justae, etc. (Amstelodami 1670); Kernkamp, Acta, II, 23-24; NNBW, Nieuw Nederlandsch Biographisch Woordenboek 1-10 (Leiden 1911-1937) X 1128-1129; SASSEN, Het wijsgerig onderwijs aan de Illustre School te 's-Hertogenbosch, 1636-1810 (Amsterdam 1963) 48-75; SEPP, Het godgeleerd onderwijs in Nederland gedurende de 16de en 17de eeuw (Leiden 1873-1874) II 115; SMITS / YSSELT, De grafzerken, de wapen- en rouwborden der St. Janskerk van 's-Hertogenbosch ('s-Hertogenbosch 1912) 257; VAN DER AA, Biographisch Woordenboek der Nederlanden III (Haarlem 1852) XIX 312; VELINGIUS, Redenvoering over de Illustre Schoole van 's-Hertogenbosch ('s-Hertogenbosch 1760) 37-40. |
Levensberichten van de hoogleraren der Illustre School te 's-Hertogenbosch 1636-1810 (1969) 206-208
|
| |
| 1949 |
Van Alphen
Reinier Vogelsang
Gekomen van Goes 1652, vertrokken naar Deventer 1675
Van Alphen's Nieuw Kerkelijk Handboek (1949) 264
|
| 1963 |
F.L.R. Sassen
Reinier Vogelsangh
Het wijsgerig onderwijs aan de Illustre School te 's-Hertogenbosch (1963) 356
|
| 1969 |
F.L.R. Sassen
Reinier Vogelsang
Vianen ca 1610 - Deventer 1679
Levensberichten van de hoogleraren der Illustre School te 's-Hertogenbosch 1636-1810 (1969) 206
|
| |
| 1653 |
RRS Resoluties Raad van State over 1648-1672
22 januari 1653. Rekest van Reynerus VOGELSANCK predikant te 's-HERTOGENBOSCH verzoekt om restitutie van de onkosten uit het transport van zijn meubilair van Goes naar 'sBosch.

Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) Toegangsnummer: 178. Inventarisnummer: 195. Folio: 31 Henk Beijers Archiefcollectie [doc].
|
| 1656 |
Archief van de Leen- en Tolkamer
9 februari 1656. Correspondentie m.b.t. het vertrek van Dominus Maresius professor in de theologie en filosofie te 's-Hertogenbosch en de nominatie van Dominus Reynerus Vogelsangh.
29 april 1656. Verzoek van het stadsbestuur voor een professor theologie in de persoon van Reynerus Vogelsangh.

Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) Toegangsnummer: 8. Inventarisnummer: 44. Folio: Henk Beijers Archiefcollectie [doc].
|
| |
|